3. Signaleren en Netwerken.

Je signaleert en geeft betekenis aan verschillende situaties bij groepen/burgers/cliënten die invloed hebben op hun sociaal-maatschappelijke omstandigheden. Je springt hier preventief en proactief samen met burgers/cliënten op in gericht op de verbetering van de situatie van (kwetsbare) burgers/cliënten.

 

Je bent in staat het netwerk van een cliënt te onderzoeken en in kaart te brengen. Daarnaast kun je de ondersteunende mogelijkheden van het netwerk onderzoeken: kan het voldoende steun bieden, of heeft het versterking nodig? Je organiseert met samen met de cliënt een netwerkbijeenkomst.

Deze module bezit vier kennistoetsen. Ethiek, Psychologie, Sociologie en Medische kennis.

 

3.1. Signaleren

Je signaleert en geeft betekenis aan veranderingen, gebeurtenissen, mogelijke kansen, problemen en tekorten bij groepen/ burgers /cliënten die invloed hebben op hun sociaal-maatschappelijke omstandigheden. Je onderzoekt de invloed van deze veranderingen op de sociale omstandigheden van een burgers en groepen cliënten. Je springt hier preventief en proactief samen met burgers /cliënten op in . Tenslotte agendeer je deze kansen, problemen en tekorten bij de juiste partijen. Dit is gericht op de verbetering van de situatie van kwetsbare burgers/cliënten.

 

3.2. Netwerk inzetten

Je brengt samen met de cliënt zijn netwerk in kaart en onderzoekt samen de mogelijkheden van het bestaande netwerk. Je versterkt het op een duurzame manier en ondersteunt dit waar nodig. Je neemt het initiatief om volgens een gangbaar model, een netwerkbijeenkomst te organiseren. Dat doe je met behulp van relevante theorieën en strategieën.

 

3.3. Body of Knowledge

Je beheerst de specifieke basiskennis, hebt inzicht en kan je mening vormen met betrekking tot signaleren en netwerken. Hierbij maak je gebruik van inzichten uit ethiek, psychologie, sociologie en medische kennis.

 

 

Uitleg, voorwaarden en werkwijzen vind je in de Toetsmatrijs en bijbehorende instructiedocumenten.